No.
Titel
-
Der Raufbold - Leven en werk van Luis Smeets


Der Raufbold - Leven en werk van Luis Smeets

Luis Smeets was beeldhouwer, schilder, performance-kunstenaar, dichter, schrijver, levensgenieter, vrouwenverslinder, amateur-wetenschapper, opschepper, vechtersbaas, gevoelsmens, vriend, vijand, groot denker en bovenal een eenzaam genie. Hij vormt een oneindige inspiratie voor eenieder die zich in zijn leven en werk verdiept. Van geboorte in 1931 tot zijn plotse verdwijning in 2000 is zijn leven doorspekt van de voorvallen, avonturen en mythes. Hoewel zijn bijnaam 'Der Raufbold' (wat zoveel betekent als 'De vechtersbaas' of 'De onruststoker') vooral lijkt te verwijzen naar de vele opstootjes waarbij hij betrokken was, zien wij het toch vooral in overdrachtelijke zin. Hij was een vechter voor zijn overtuigingen en ideeën. Hij nam geen genoegen met de eerste de beste verklaring. Luis Smeets was een kunstenaar zoals ze nog maar zelden geboren worden. Hij leefde zijn werk.

In deze biografie - die zich laat lezen als een avonturenroman - beschrijft Dier in Bedrijf het leven van de geruchtmakende Maastrichtse kunstenaar, provocateur, revolutionair en wetenschapper Luis Clarence Smeets, die in de jaren '50 van de vorige eeuw in Limburg één van grondleggers was van de literaire Boot beweging en de uitvinder van een aantal revolutionaire medische instrumenten. Dit genie werd door een selecte groep bewonderaars bejubeld, echter door zowel de hele literaire als medische wereld van zijn tijd miskend en tegengewerkt. Dit drama wordt door Dier in Bedrijf uitvoerig beschreven. Het is leerzaam en actueel te lezen hoe jaloezie, domheid en politiek het lot van een uniek talent kunnen bepalen. Interessant voor ieder die nu genie is of het straks zal worden en uiteraard voor de liefhebbers van sterke drank, waar dit literaire werk mee overgoten is.

In 1931 zag Luis het levenslicht als enig kind van zijn vader Alphons Smeets en zijn Jiddische moeder Lidia Polak, die tijdens de Bolsjewistische revolutie Rusland waren ontvlucht en in Maastricht neergestreken. Vader Alphons was uitbater van een zigeunerrestaurant op de Platielstraat en zijn moeder werkte als vroedvrouw in de wijk Oud-Caberg. Lidia maakte er geen geheim van dat ze Luis had willen laten aborteren, maar daar op het laatste moment vanaf zag vanwege haar gespannen relatie met een niet nader genoemde gynaecoloog. "Al voor mijn geboorte ben ik aan de dood ontsnapt" zou Luis later zeggen.

Als jongen leek Luis bij het uitdelen van de schoonheid achteraan in de rij te hebben gestaan, maar dat hinderde hem naar eigen zeggen niet. "Lelijkheid is superieur aan schoonheid, lelijkheid blijft duren, schoonheid niet...". Lidia noemde hem een aandoenlijke quasimodo met een boevenbek, doelend op zijn enorme neus, pokdalige huid en zijn onregelmatige baardgroei. Al gauw bleek dat zijn uiterlijk hem geenszins in de weg stond als vrouwenversierder. De lijst van de hem toegedichte amoureuze veroveringen in de jaren vijftig en zestig is legendarisch.

Getergd door het losbandige leven van zijn zoon, regelt zijn vader Alphons via een bevriende arts voor hem een baantje. Hij mocht werken als assistent van de omstreden patholoog-anatoom Anton Glucksteller bij het Sint Annadal ziekenhuis. Hier maakt de ongeschoolde Luis voor het eerst kennis met de medische wetenschap.

Luis werd vaak extravagant genoemd, maar die toevoeging is een schromelijk understatement voor deze man. Luis had figuurlijk provocateur op zijn voorhoofd getatoeëerd. Midden in de jaren tachtig ging het bergafwaarts met de gezondheid van Luis. Een leven vol sex, alcohol, drugs en knokpartijen had zijn tol geëist. Het stranden van zijn huwelijk met zijn jeugdliefde Emmie is hij nooit meer te boven gekomen. Na de breuk met Emmie wordt Luis steeds vaker opgepakt wegens openbare dronkenschap en verstoring van de openbare orde. In 1976, toen hij 45 jaar oud was, kreeg hij zijn eerste hartaanval.


Dier in Bedrijf ©